Waar hangt de maat van een cilinderslot van af?
Twee dingen bepalen welke cilinder je nodig hebt: de dikte van je deur en de dikte van het beslag dat aan weerszijden op die deur zit. Meer niet.
Een cilinder wordt altijd gemeten vanaf het hart. Dat is het midden van het boutgat waar de cilinderbout doorheen gaat, precies onder de nachtschoot. Vanaf dat punt meet je naar links en naar rechts. Die twee getallen samen vormen de maat, bijvoorbeeld 30/40.
Let op: 30/40 betekent 30 mm aan de ene kant en 40 mm aan de andere kant, samen 70 mm. Het is dus niet de totale lengte gedeeld door twee.
Een hele losse cilinder opmeten
Een hele cilinder werkt aan beide kanten met een sleutel. Dat is de standaard voor voor- en achterdeuren.
- Leg de cilinder plat op tafel.
- Zoek het boutgat, de opening in het smalle deel waar de bevestigingsbout doorheen gaat.
- Meet vanaf het midden van dat gat naar de ene kop en daarna naar de andere kop.
Kom je op 30 en 30 uit, dan heb je een 30/30 met een totale lengte van 60 mm. Dat is verreweg de meest verkochte maat in Nederland.
Een halve cilinder opmeten
Een halve cilinder werkt maar aan een kant met een sleutel. Je ziet ze bij garagedeuren, bergingen, meterkasten en tuinpoorten.
De blinde zijde is bij alle merken 10 mm. Alleen de bedienbare zijde verschilt. Een 30/10 is dus 40 mm lang in totaal. Meet ook hier vanaf het hart van het boutgat.
Een cilinder opmeten die nog in de deur zit
Dit is de situatie waar de meeste mensen mee zitten. Je hoeft de cilinder er niet uit te halen, maar je moet wel weten hoe dik je beslag is.
- Open de deur en kijk in de deurrand. Onder de nachtschoot zit een lange schroef in de voorplaat: de cilindervastzetschroef. Die zit precies in het hart van de cilinder.
- Meet naar links. Van het hart van die schroef tot aan het deuroppervlak aan de binnenzijde.
- Meet naar rechts. Van het hart tot aan het deuroppervlak aan de buitenzijde.
- Tel per kant de dikte van je beslag erbij op. Dus rozet of schild, niet vergeten.
- Rond per kant naar boven af op de eerstvolgende stap van 5 mm, met 30 mm als minimum.
Rekenvoorbeeld voor een voordeur van 40 mm dik met een verdekt rozet binnen en een veiligheidsschild buiten:
- Binnenzijde: 20 mm deur + 8 mm rozet = 28 mm, afgerond naar 30 mm
- Buitenzijde: 20 mm deur + 18 mm schild = 38 mm, afgerond naar 40 mm
De juiste maat is dan 30/40. De lange kant hoort altijd aan de buitenzijde, want daar zit het dikste beslag.
Gangbare cilindermaten op een rij
| Maat | Totale lengte | Waar je hem meestal tegenkomt |
|---|---|---|
| 30/10 (halve cilinder) | 40 mm | Garage, berging, meterkast, poort |
| 30/30 | 60 mm | Standaard binnendeur en dunne buitendeur |
| 30/35 | 65 mm | Buitendeur met rozet binnen en schild buiten |
| 30/40 | 70 mm | Voordeur met veiligheidsbeslag aan de buitenzijde |
| 35/35 | 70 mm | Dikkere deur met gelijk beslag aan beide kanten |
| 40/40 | 80 mm | Zware voordeur of deur met dik isolatiepakket |
Cilinders beginnen per zijde bij 30 mm en lopen op in stappen van 5 mm. Zit je maat er precies tussenin, dan rond je naar boven af. Zit je erbuiten, kijk dan bij maatwerk cilinders, daar stel je de lengte per zijde zelf samen.
Hoe dik is je deurbeslag?
Deze stap wordt het vaakst overgeslagen, en het is precies de stap waar het misgaat. Meet je eigen beslag na met een schuifmaat, want per merk verschilt het. Als richtlijn:
| Type beslag | Gangbare dikte |
|---|---|
| Verdekt rozet | 7 tot 8 mm |
| Opbouwrozet | 10 mm |
| Veiligheidsrozet SKG met kerntrekbeveiliging | 12 tot 15 mm |
| Veiligheidsschild SKG 2 sterren | 15 tot 18 mm |
| Veiligheidsschild SKG 3 sterren | 18 tot 25 mm |
Bekijk de dikte van jouw uitvoering bij veiligheidsrozetten of voordeurbeslag op schild.
Hoe ver mag een cilinder uitsteken?
Maximaal 3 mm buiten het beslag. Dat is de eis van het Politiekeurmerk Veilig Wonen. Steekt de cilinder verder uit, dan kan een inbreker er met een tang grip op krijgen en hem afbreken of eruit trekken. Dat heet kerntrekken en het duurt letterlijk seconden.
Bij twijfel kies je dus liever 5 mm te kort dan 5 mm te lang. Een cilinder die net iets terugligt werkt prima. Meer over dit risico lees je in wat is kerntrekbeveiliging.
Uit de praktijk van onze showroom
Een klant uit Zutphen bestelde vorig jaar 4 gelijksluitende cilinders voor voordeur, achterdeur, berging en schuurdeur. Hij had alle vier op 30/30 gezet, want dat is wat er in het oude slot zat.
Bij de voordeur paste dat niet. Daar zat sinds een verbouwing een veiligheidsschild van 20 mm aan de buitenkant, waardoor de cilinder 12 mm te kort was en de sleutel niet meer rond wilde. Na opnieuw meten bleek 30/45 nodig.
Omdat het om een gelijksluitende set ging, konden we alleen die ene cilinder niet los omruilen. De hele set van 4 moest opnieuw. Meet dus altijd per deur, ook als de deuren op het oog hetzelfde lijken.
Wat bestel je nu?
Heb je je maat? Dan kies je uit:
- Profielcilinders voor losse deuren, met SKG keurmerk voor buitendeuren.
- Gelijksluitende cilinders als je met een sleutel alle deuren wilt openen. Meet daarvoor eerst elke deur apart op.
- Cilinders zonder SKG keurmerk voor binnendeuren, kastdeuren en meterkasten waar geen inbraakeis geldt.
- Elektronische cilinders als je van sleutels af wilt. Dezelfde maatvoering, dus je meting blijft geldig.
Bestel je een knopcilinder, houd er dan rekening mee dat de knopzijde altijd aan de binnenkant hoort.
Hulp nodig?
Kom je er niet uit? Stuur ons een foto van de deurrand met de voorplaat en de vastzetschroef erop, plus je twee gemeten waardes en het type beslag. Wij rekenen de maat voor je na voordat je bestelt. Dat scheelt een retourzending.
Veelgestelde vragen
Hoe meet ik een cilinderslot op?
Altijd vanaf het hart, het midden van het boutgat onder de nachtschoot. Meet van dat punt naar links en naar rechts en tel per kant de dikte van je deurbeslag erbij op. De maat noteer je als bijvoorbeeld 30/40, wat samen 70 mm is.
Betekent 30/40 dat de cilinder 40 mm lang is?
Nee. De twee getallen zijn de lengtes vanaf het hart naar beide zijden. Een 30/40 is dus 30 mm plus 40 mm, samen 70 mm lang. De lange kant hoort aan de buitenzijde van de deur, waar het dikste beslag zit.
Wat is het verschil tussen een hele en een halve cilinder?
Een hele cilinder werkt aan beide zijden met een sleutel en zit meestal op voor- en achterdeuren. Een halve cilinder werkt maar aan een kant. De blinde zijde is altijd 10 mm, dus een 30/10 is 40 mm lang. Halve cilinders zie je bij garages, bergingen en poorten.
Hoe ver mag een cilinder uitsteken?
Maximaal 3 mm buiten het deurbeslag, volgens het Politiekeurmerk Veilig Wonen. Steekt hij verder uit, dan kan een inbreker er met gereedschap grip op krijgen en de kern eruit trekken. Kies bij twijfel liever iets korter dan iets langer.
Welke cilindermaten bestaan er?
Per zijde begint het bij 30 mm en loopt het op in stappen van 5 mm. 30/30 en 30/40 zijn het meest verkocht. Val je buiten de standaardmaten, dan stel je bij maatwerk cilinders zelf de lengte per zijde samen.
Moet ik de cilinder eruit halen om te meten?
Nee. Meet vanaf de cilindervastzetschroef in de deurrand naar beide zijden en tel de beslagdikte erbij op. Alleen als je twijfelt over de dikte van je rozet of schild is het handig om het beslag even los te schroeven en na te meten.
Kan ik voor elke deur dezelfde maat bestellen?
Zelden. Deuren die op het oog identiek zijn hebben vaak ander beslag aan de buitenzijde. Meet elke deur apart op, zeker als je een gelijksluitende set bestelt, want daarin kun je later geen losse cilinder omruilen.


